ثم كان علقة فخلق فسوى ٣٨
ثُمَّ كَانَ عَلَقَةًۭ فَخَلَقَ فَسَوَّىٰ ٣٨

٣٨

En vervolgens een bloedklonter waarna Hij (hem) schiep en nauwkeurig vormde?
Tafseers
Reflecties en lessen
Notes placeholders